Discussie
Uiteindelijk proberen de neutrale standpunten van de organisatoren van beide evenementen een rechtvaardiging te bieden voor het al dan niet toestaan van deelname van landen, maar uiteindelijk slagen ze daar allebei niet in, omdat ze ambigue beslissingen nemen op basis van specifieke gevallen in plaats van geschreven reglementen.
Dit gebrek aan consistentie leidt tot de huidige situatie waarin publiek en landen protesteren tegen de nogal smakeloze deelname van Israël aan beide evenementen, ook al blijkt uit hun recente acties dat de huidige regering geen waarde hecht aan mensenlevens, wat in tegenspraak is met de principes van beide evenementen, die tot doel hebben het talent en de vaardigheden van individuen te tonen, zowel in de sport als in de muziek.
Tegelijkertijd mag de verantwoordelijkheid niet bij individuele atleten worden gelegd die hun hele leven hebben getraind voor deze kans om te kunnen deelnemen aan wedstrijden. Om die reden blijft neutrale deelname een essentieel beleid dat de rechten van individuen beschermt tegen de acties van hun overheden. Als dit consequent wordt toegepast, kan het atleten een eerlijke kans bieden om deel te nemen aan wedstrijden door zich publiekelijk te distantiëren van de overheid, mocht die staat betrokken raken bij een oorlog of militaire campagne.
Een dergelijke neutraliteit kan echter niet worden toegepast op het Eurovisie Songfestival, aangezien de wedstrijd expliciet is opgezet voor nationale vertegenwoordiging en een teken is van internationale overeenstemming en eenheid. Omdat artiesten worden geselecteerd om namens het hele land op te treden, zou een dergelijke apolitieke deelname van specifieke zangers vrijwel betekenisloos zijn. De organisatie zou daarom strengere criteria moeten hanteren met betrekking tot de deelnamegerechtigdheid van een land en haar standpunt ten aanzien van politieke neutraliteit moeten versterken.
Cultuur en politiek kunnen dus op mondiaal niveau sterk met elkaar verweven raken, aangezien cultuur de perceptie van mensen over de huidige situatie vormt en beïnvloedt. Zolang organisatoren neutraliteit blijven claimen, maar tegelijkertijd selectieve beslissingen nemen, zal de controverse aanhouden en zal het publiek protesteren.
Uiteindelijk moet de discussie open blijven staan voor een jonger publiek, omdat de instellingen zo de kans krijgen om te luisteren, hun regels te herzien en hun kernwaarden opnieuw vast te stellen, voorbij de symbolische beweringen die ze tot nu toe hebben gedaan.